koop tickets online
Shot-online 29/12/2018
Napoleon Games

Ontvang tot € 500 free bets bij Napoleon Sports & Casino.

Retro - Björn Sengier geïnterviewd

RETRO
 

Twee jaar tussen de palen op Olympia…    
                                 

Björn Sengier geïnterviewd
 

Het kan iedereen overkomen. Je presteert prima in een of andere organisatie, je voelt je er kiplekker. En plots, niet alleen onverwacht maar naar je overtuiging ook onterecht, daar krijg je een koude douche over je lijf. Zo ijskoud is die douche dat ze je noodzaakt een einde te maken aan het verhaal dat je aan het schrijven bent. Niet dat er geen leven meer is na die shock, dat niet, maar toch wel zo dat het je bijzonder zwaar uitvalt een nieuwe start uit te zoeken en het roer weer op te nemen. De vraag die zich hierbij opdringt: Eens dat het tijd tot bezinken heeft gehad, hoe kijkt ‘het slachtoffer’ naar wat hem destijds overkomen is? Ligt het gebeuren hem zo zwaar op de maag dat het hem niet eens mogelijk is waardering uit te spreken voor wie en voor wat hij destijds heeft mogen meemaken?  “The time is a great healer,” beweren de Engelsen, en Björn Sengier bewijst dat het waar is.

Was je als kind al in de ban van Koning Voetbal, Björn?  Stam je uit een voetbalminnend milieu?

Ik woonde in Petegem, en voor mij bestond er nauwelijks iets anders dan voetbal.  Er waren nogal wat pleintjes in onze woonbuurt, en was er buiten de lesuren op de speelplaats van onze school geen bal te zien, dan vond je zeker een hele bende van ons op die veldjes aan het shotten.  Van meet af aan was ik altijd keeper, het was een spontane voorkeur.  Vader heeft ook gevoetbald, zij het op lager niveau, en hij zag mij en ons graag bezig.

Cerle Brugge KSV

Supporterde jij voor Sparta Petegem, voor Racing Gent-Zeehaven of voor de Gentse Buffalo’s?

Je zult het wellicht niet graag horen, maar op school was zowat iedereen ofwel voor Club Brugge, ofwel voor Anderlecht.  Er waren dus twee clans, en ik herinner me dat er op de speelplaats één jongetje met een zwart-groene sjaal rondliep.  Ik was niet voor Anderlecht, en ik was ook dat jongetje niet…  Maar kijk, denk maar niet dat ik daar last van gehad heb toen ik jaren later bij Groen-Zwart terecht kwam.  Is het niet vanzelfsprekend dat jij als kind je inpast bij een vriendengroep, en dat je als professionele voetballer de kansen grijpt die je geboden worden? 

Maar zelf speelde je bij de jongste voetbalploegjes van Sparta Petegem?

Ja, niet lang, en professioneel ben ik pas gaan voetballen bij Cercle.  Bijna heel mijn jeugd heb ik bij KV Kortrijk doorgemaakt, van mijn twaalf tot mijn achttien jaar.  Daarop volgden SK Deinze en FC Eeklo.  Bij Eeklo nam ik een grote stap voorwaarts.  Ik kende er een zo schitterend seizoen, dat Danny Van de Velde, keepertrainer bij Cercle, op het einde van dat ene jaar ervoor zorgde dat ik naar Groen-Zwart getransfereerd werd.

Cerle Brugge KSV

Dat gebeurde halfweg 2000.  Cercle  had al drie jaar ontgoocheld als titelkandidaat voor promotie naar Eerste.  Het vierde, en ook het volgende, dat waren dan jouw twee seizoenen bij Groen-Zwart, resulteerden evenmin in de zo vurig verhoopte overgang.

Dat klopt.  Zo is het uitgevallen.  We waren nochtans gedreven, enthousiast, en we wilden absoluut naar Eerste.  Elke speler evenzeer?  In principe is het nooit uitgesloten dat een of andere speler er minder op gebrand is te promoveren, in het achterhoofd kan altijd het idee opkomen dat de kans op een basisplaats hogerop kleiner is.

(foto: De nieuwkomers in augustus 2000: A. Camara, M. Makhloufi, D. Avonture, J. Nierynck, J. Siljanoski, S. Sanda, B. Sengier)

We waren alleszins een hechte groep en als team deden we al wat we maar konden om naar ’s lands hoogste afdeling  door te stoten.  Het heeft er ook even naar uitgezien dat het goed zat met de kans daartoe.  Tijdens mijn tweede jaar speelden we de eindronde.  Het begon schitterend met een overtuigende overwinning tegen Ingelmunster, maar tot onze eigen verwondering viel de motor stil daarna.  We haalden nog slechts één punt tegen Bergen, dat uiteindelijk promoveerde.

Wat is je verder het best bijgebleven uit die twee Cerclejaren?

Vooral heb ik Cercle als een warme vereniging gekend, en aI heb ik geen contact meer met hen, ik denk nog met plezier aan heel wat Cerclevolk van toen.  Ik kan zomaar voor de vuist  alle basisspelers opnoemen met wie ik samenspeelde, en ook met de supporters ging het er hartelijk aan toe.  Ja, er zaten leuke kleppers in onze ploeg, en je moet er tussen zitten om te weten hoe belangrijk dat is voor een team.  Johnny Nierynck, bijvoorbeeld, was niet de meest getalenteerde voetballer, maar niet alleen door zijn tomeloze inzet tijdens de matchen, ook als altijd positief ingestelde sfeerschepper stuwde hij Groen-Zwart vooruit.  Onze ‘Zeekapitein’ was ervoor bekend, en terecht!  Er waren nog spelers die voor de goede sfeer zorgden, hoor,  Kristoff Van Robays, Hendrik Van Hende, Fabio Vergucht en  Mo Kanu onder andere.

Cerle Brugge KSV

Het verheugt me dat je Cercle zo uitdrukkelijk als een warme vereniging hebt aangevoeld, maar ik durf het haast niet op te nemen in het interview.   Er zijn al zoveel geïnterviewde ex-Cerclisten die iets gezegd hebben dat daarop neerkomt, ik heb het al zo dikwijls in interviews vermeld, dat regelmatige lezers ervan wel zouden gaan denken dat ik jullie de pap in de mond geef.  Niet alleen ‘geef’, ‘duw’ zelfs…

Cerle Brugge KSV

O, neen, ik meen het zeker oprecht als ik zeg dat ik bij Cercle veel warmte heb gekend, en dat zowel onder ons, spelers, als rond het veld vanwege de supporters.  Over het Cercle van vandaag kan ik niet oordelen, maar het zou jammer zijn als dat zou afgenomen zijn.  Dat gevoel van één grote familie te zijn is moeilijk te omschrijven, maar het was zeker eigen aan Cercle zoals ik het mocht beleven.   Op en rond Olympia voelden we ons helemaal thuis.

(foto: Samen met Denis Viane als peter op een supportersfeest in Eernegem (2001).)

Sympathiek klinkt het niet wat ik nu zeg, maar: “Mooie liedjes duren niet lang.”  Je bent slechts twee jaar bij Cercle gebleven.  Hoe komt het dat er zo gauw een einde kwam aan je tijdperk bij Groen-Zwart?

Dat kwam door het enige dat me bij Cercle niet is meegevallen, maar het was dan ook een harde klap die me werd toegediend.  Tijdens de twee seizoenen vóór mij was Ricky Begeyn de vaste waarde in het Cercledoel.  Toen ik na hem kwam, speelde hij twee jaar bij SV Roeselare.  Bij Cercle presteerde ik goed.  Is een bewijs nodig?  In 2000-2001 speelde ik 32 competitie- en 6 bekermatchen bij Cercle.  Het jaar erop respectievelijk 39 en 2.  Je mag gerust schrijven dat ik voor Groen-Zwart meer punten gewonnen heb dan ik er zou verloren hebben.  En wat gebeurde er juist vóór het begin van de eerste trainingen van het seizoen 2002-2003?  Via de media vernam ik dat Ricky een contract voor vijf jaar bij Cercle aangeboden had gekregen en ondertekend.  Kun jij je indenken wat mij door het hoofd ging?  Weet je wat dat is, het vooruitzicht om daar misschien vijf jaar lang op de bank te moeten zitten?  Ik was een ambitieuze prille twintiger, ik twijfelde niet aan mijn eigen kunnen, en ik wist dat ik bij één bestuurslid van Groen-Zwart in ongenade was gevallen, iemand die al lang weg is van Cercle.  En al te vluchtig dan ben ik naar Nieuwkerken overgegaan, één afdeling lager dan Cercle en tegenwoordig FCN Sint-Niklaas.  Dat was geen meevaller, zodat ik blij was toen SK Deinze, waarbij ik al gespeeld had, na één jaar weer bij mij aanklopte.

Ik interview je hier in een prachtige, zeer ruime cafetaria naast het veld van Deinze. Bijna alles wat ik rond ons zie is oogstrelend in oranje en zwart gekleurd, maar je tweede periode als doelman hier duurde ook maar twee jaar.  Je hebt nadien nog voor een zestal ploegen in het doel postgevat.  Je hebt zelfs de grens naar Nederland overgestoken.

In België trad ik nog op bij Zulte-Waregem, SK.Lommel (toen Lommel United), FC Antwerp en Sporting Hasselt.  In Nederland kende ik twee heerlijke jaren bij Willem II en vooral bij Helmond, waar Antwerp me na één seizoen wist weg te halen.  Het is echt wel anders voetballen bij onze Noorderburen.  De technische vaardigheid komt er meer aan bod dan hier, het fysieke is er minder dominant.

Maar jij stond tussen de palen.  Voor jou zal dat toch geen groot verschil uitgemaakt hebben?   Zeg eens, hoe kijk je na al die jaren op jezelf als doelman neer?  Wat voor een keeper was jij,  wat waren je sterke kanten en wat had wellicht beter gekund?

Akkoord, voetballen in Nederland of in België verschilt meer voor veldspelers dan voor de doelman, maar je moet dat toch wat relativeren.  Meer dan vroeger is een doelman intens betrokken bij al wat zich op de grasmat afspeelt.  Natuurlijk moet hij zijn werk tussen zijn palen goed verrichten, maar wat van hem uitgaat heeft niet alleen zijn weerslag binnen de kleine of de grote rechthoek.  Wat hij als keeper betekent, heeft een belangrijke weerslag op de prestatie van  het team over heel het veld.  Ik bedoel meer dan dat opvallender dan bij veldspelers winst of verlies kan afhangen van één of enkele goede of kwalijke tussenkomsten van hem, van een fantastische redding of van een vreselijke flater, maar dat het zijn medespelers vleugels geeft als ze weten dat ze kunnen rekenen op een keeper die alles klaar voor ogen ziet.  Van alle spelers is hij de enige die kan zien wat zich over heel het terrein voordoet.  Het is dan ook van belang dat hij onafgebroken meeleeft bij al wat op dat ruime veld gebeurt.  Geeft hij richtlijnen in de mate van het mogelijke en ondervinden zijn ploegmaats dat die kloppen, dan weten zij dat ze op hem kunnen rekenen.  Het doet er zelfs niet toe of de bal tijdens heel de match maar enkele keren in zijn buurt komt of dat zijn kooi voortdurend bestookt wordt, als zijn medespelers weten dat ze zo’n klaarziend slotstuk achter zich hebben, geeft dat een enorme boost aan hun zelfvertrouwen.  Was ik lang geen Jean-Marie Pfaff, geen Preud’homme, geen Courtois, toch geloof ik dat er een gunstige invloed uitging van mij op het hele team, dankzij mijn alerte, verbale deelname aan het spel.  Ik zei al dat ik voor Cercle als keeper zeker een gunstige balans kan voorleggen, en dat was bij de ploegen erna niet anders.  Mijn technisch talent was behoorlijk, zonder dat het buitengewoon was, maar wegens mijn totaaldeelname aan het gehele wedstrijdgebeuren, niet alleen met handen en voeten maar ook met mijn ogen en mijn stem, bevorderde ik in ons team een zekere organisatie die uitging vanuit mijn doelgebied en, niet minder belangrijk, zo stimuleerde ik het zelfvertrouwen van onze veldspelers.

Je lijkt me in de wieg gelegd om trainer, keepertrainer dan wellicht, te worden?  Of is dat je ambitie niet?

Ja, ik ben al een eind ver op weg daarnaar.  Keepertrainer word ik niet, maar gewoon trainer, dat zit erin, en hopelijk komt het zover.  Ik ben 39, en ik ben een paar maanden geleden gestopt als keeper bij Sporting Hasselt omdat ik de kans kreeg om commercieel medewerker te worden bij SK. Deinze, de enige ploeg waarbij ik speelde vóór en na Cercle. 

(foto: Promotionele foto met enkele ploegmaats en coach van Wijk in de spelershome.)

Cerle Brugge KSV

Ik heb die kans met beide handen gegrepen, want ik wil zeker zo lang het ook maar enigszins kan, actief blijven in de wereld van het voetbal.  Zonder voetbal was ik wellicht schrijnwerker geweest, gespecialiseerd in het maken van houten trappen, maar dat lederen ding en al wat ermee samenhangt, intrigeert me zozeer dat ik mij mijn leven zonder voetbal nauwelijks kan voorstellen.  En van trainers gesproken, ik heb er nogal wat gekend, maar slechts één bij Cercle, en dat is dan ook de trainer die ik als trainer en als mens het meest bewonder, Dennis van Wijk.  Het heeft wel wat geduurd voordat ik hem zo apprecieerde, want hij kan vreselijk hard zijn, maar dat is hij alleen zolang hij het bevorderlijk acht voor jou.  Het is merkwaardig, maar als je Dennis als trainer hebt gehad, dan is de kans groot dat je hem ofwel bijzonder hoog acht, ofwel dat je het liefst nooit meer aan hem denkt…

Hoef ik erop terug te keren, lezer, hoe Björn tegen zijn periode als Cercledoelman aankijkt?  Hij steekt zijn ontgoocheling over wat hij na die twee jaar te verduren kreeg niet onder stoelen of banken, maar hij beseft dat het niet onverdeeld ‘de Vereniging’ is die hem die klap toediende. Misschien blijkt zijn houding nog het best uit de laatste woorden die hij liet horen vooraleer ik uit Deinze wegreed: “Sinds mijn Cercletijd ben ik niet meer naar Groen-Zwart gaan zien in Olympia. Het is stilaan tijd dat ik dat wél eens doe.” Van zijn heerlijke Cercletijd met zo‘n ‘warm’ Cerclevolk heeft Björn zozeer genoten dat zijn sympathie voor onze favoriete Vereniging na zijn pijnlijk afscheid op een laag pitje kon blijven smeulen, maar uitdoven zal die nooit.

 

(Georges Volckaert)

Gerelateerde nieuwsberichten

Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Karel Derdaele

 

Ticketing verantwoordelijke

Als je het Cercle-secretariaat binnenstapt valt het meteen op.  De “bemanning” - sinds Silke recent haar geluk elders is gaan zoeken is dit letterlijk te nemen  - , is vrij jong.  Een beetje zoals de spelerskern zelf, zeg maar. Eén van die personen waar de supporter wellicht het vaakst oog in oog mee komt te staan is Karel Derdaele. Karel is immers de verantwoordelijke voor de ticketverkoop, abonnementenverkoop, enz…
Met o.a. het oog op de eerstdaags startende abonnementenverkoop, tijd voor een kennismaking.

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 205)

* Cercle

Op voetbalgebied was het momenteel duidelijk komkommertijd.  Na de ophefmakende overstap van Hans Gerard naar Union Sint-Gillis was de storm ogenschijnlijk gaan liggen en leek windstilte te overheersen : voorlopig dus geen uitgaande transfers meer maar evenmin inkomende transfers.  En de modale Cerclesupporter verwachtte waarschijnlijk toch wel één, en waarschijnlijk liefst meerdere, nieuwe klepper(s) die de promotie zou(den) waarmaken.

Voorlopig dienden de fans echter hun voetbalhonger te stillen met eerder dagdagelijks nieuws…

“Algemene vergadering” : “Verleden maandag had de algemene vergadering plaats met herkiezing van de helft van het bestuur.  Alle uittredende leden werden in hun ambt bevestigd, zodat de beheerraad er thans als volgt uitziet : voorzitter P. Vandamme, 1e ondervoorzitter P. Lantsoght, 2e ondervoorzitter Rob. Braet, sekretaris E. Van Iseghem, penningmeester W. Hautekiet, terreindirekteur R. Louagie, leden L. Dhondt, H. Mestdagh, Ch. Dupon, J. Saeys, P. Proot, G. Versyp, L. Baes, M. Brusselle, G. Van Tuyckom en dr. D. Decq.”

“Abonnementen en lidkaarten voetbalseizoen 1960-61” : “De abonnementen en lidkaarten 1960-61 kunnen afgehaald worden in het Hotel de Londres, ’t Zand, op zondag 24 juli van 10.30 tot 12.30 uur.  De geabonneerden op een voorbehouden zitplaats dienen deze te hernieuwen voor 15 augustus.  Na deze datum vervalt de prioriteit en worden ze ter beschikking gesteld van andere belangstellenden.”

* Brugge

* De Brugse wijk Sint-Jozef had destijds geen al te beste naam.  Deze sociale wijk waar vooral arbeiders met kroostrijke gezinnen woonden werd tijdens de jaren ‘50 en begin van de jaren ‘60 geterroriseerd door rondhangende jongerenbendes wat de parochie al snel de weinig flatterende naam Klein Korea opleverde.

Volgens oud-politieman Robert Buyls, zelf geboren en getogen op Sint-Jozef, lag kolenhandelaar Leon Vergaerde uit de Graaf de Mûelenaerelaan aan de basis van deze bijnaam.  Begin de jaren vijftig hadden meerdere straten in deze wijk nog geen wegverharding en tijdens regenperiodes werden ze telkens weer herschapen in modderpoelen.  Als kolenhandelaar Vergaerde dan met paard en kar moeizaam door deze straten trok zong hij “Ik papa, gon no Korea, holala lala”.

Wanneer de leden van deze jongerenbendes een volwassen leeftijd bereikt hadden en er blijkbaar geen opvolgers klaar stonden, keerde de rust in de wijk terug.  De vechtersmentaliteit van de jongeren in Klein Korea had ook een positieve kant : de Brugse boksvereniging van Achiel Wimme recruteerde een groot deel van haar leden op Sint-Jozef en bracht zelfs enkele boksers voort die een zekere reputatie verwierven.

Kolenhandelaar Leon Vergaerde en zijn paard Lies ter hoogte van zijn eerste woning in de Graaf de Mûelenaerelaan.  Deze laan stond bij de Bruggelingen ook bekend als de “Kitteldreve”.  Toen deze straat nog geen straatverlichting had kwamen verliefde koppeltjes hier elkaar hun liefde verklaren : de Graaf de Mûelenaerelaan werd al snel omgedoopt in de “Kitteldreve” (foto bron : beeldbank Brugge).

In juli 1960 nam het vandalisme op Sint-Jozef blijkbaar grote proporties aan want we lazen er volgende artikel over in “Het Brugsch Handelsblad” :

“Plaag van vandalisme op St-Jozef” : “De jongste tijd werd door kinderen op deze wijk schade toegebracht aan veldvruchten en aan een toestel in het speelpark.  Ook werd een inbraak gepleegd in het tehuis van de scouts, waar evenwel niets werd ontvreemd doch schade toegebracht aan de zich aldaar bevindende voorwerpen.  Ten slotte maakten sommige jongeren zich schuldig aan ongepast optreden in de kerk van St-Jozef.

Ingevolge de centralizatie van de politiediensten is de politiebewaking op St-Jozef fel verzwakt.  Het ware derhalve wenselijk, de bewaking van deze wijk opnieuw te intensifiëren, niet alleen om sommige jeugd aldaar in te tomen, doch ook de ouders voor onvoorziene uitgaven te behoeden.  De schuldigen aan deze vandalenstreken werden immers geïdentificeerd, zodat de ouders aanzienlijke bedragen als schadevergoeding moesten betalen.  De ouders dienen inderdaad te beseffen dat ze verantwoordelijk zijn voor hun kinderen, welk besef bij bepaalde ouderparen jammer genoeg pas ontwaakt, de dag, dat ze in hun geldbeugel moeten schieten.”

* Destijds kon het Dampoortkwartier in Sint-Kruis prat gaan op een bloeiende wijkkermis.  De festiviteiten duurden een volle week en er was voor elk wat wils.  Dat was in belangrijke mate te danken aan het enthousiast bestuur maar ook aan de talrijke herbergen van toen die ondertussen allemaal uit het straatbeeld verdwenen zijn.  In de Dampoortstraat troffen we de cafés Speyen, Flyer en ‘t Nieuw Kwartier aan, op de hoek van de Dampoortstraat en de Paradijsstraat kon je een glas drinken in café Paradijs en op de hoek van de Julius Dhooghelaan en het Koolstuk kon je terecht in café Center om de dorst te lessen.  Naast de nodige cafés had je er ook talrijke kruidenierswinkeltjes, vier beenhouwerijen, een schoenenmaker, enkele bakkerijen en nog veel meer.  Het Dampoortkwartier mocht terecht een bloeiende wijk genoemd worden.

“Sint-Kruis – Dampoortkwartierkermis 1960” - “Feestprogramma van 9 tot 16 juli” : “Zaterdag 9 juli : opening van de kermis met muziek – Te 13.30 uur : grote koers voor nieuwelingen BWB (zie sportblad) – Te 20 uur : gratis openingsbal in open lucht met verrassingstombola, aan café “Nieuw Kwartier”, orkest “The Rolly Maldo’s”.  Zondag 10 juli : te 10 uur : H. Mis voor de inwoners en afgestorvenen van het Dampoortkwartier – Te 14.30 uur : grote voetbalmatch voor veteranen tussen Eendracht Dampoortkwartier en Club Male op het plein van de Sportstraat – Van 14 tot 18.30 uur : gaaibolling voor iedereen aan café “Center”.  Inleg 5 frank per serie van 6 bollen.  Kamping te 18.30 uur, 500 frank prijzen – Van 19 uur af in café “Speyen”, groot bal.  Maandag 11 juli : te 14 uur aan café “Center” troumadam voor alle kinders van de wijk, 500 frank prijzen – Van 14 tot 18 uur aan café “Paradijs” gratis stakenbolling voor alle vrouwen van de wijk, 500 frank prijzen – Vanaf 19 uur in café “Speyen”, groot bal.  Dinsdag 12 juli : van 20 tot 23 uur aan café “Flyer”, optreden van het kabaretgezelschap “De Lachzaaiers” uit Bredene.  Woensdag 13 juli : van 18.30 tot 20.30 uur aan café “Center”, gratis gaaibolling voor alle mannen van de wijk, 500 frank prijzen – Vanaf 19 uur : gratis hondendemonstratie van “De Hondenvrienden” op het terrein aan de wasserij “De Meeuw”.  Donderdag 14 juli : te 20 uur aan de Welvaartwinkel en te 21 uur in de Paradijsstraat, wagenspel “De Duivel te sterk” door het plaatselijk toneelgezelschap Reynaert.  Zaterdag 16 juli : te 18 uur, aan café “Nieuw Kwartier”, grote beschrijving op de liggende wip met 2.500 frank prijzen, 300 frank gratis en 1.000 frank gratis in natura in het spel, gegeven door cafés “Nieuw Kwartier” en “Flyer” – Te 20 uur : gratis sluitingsbal tussen cafés “Speyen” en “Paradijs” – Tijdens de kermis platen op aanvraag bij Gerard De Waele.”

Deze foto is genomen vanaf de Dampoortstraat.  We zien op de hoek de voordeur en een deel van de gevels van het vroegere café “Paradijs”.  De straat waar auto’s geparkeerd staan is de Paradijsstraat.  Op de achtergrond zien we het grote witte huis in de Sportstraat waar zich destijds het sportterrein (met o.a. sportterreinen en een zwembad) van betonwerkerij Declercq bevond.  De stratenaanleg van het Dampoortkwartier concentreerde zich vooral links en rechts van de Karel van Manderstraat.  De betonfabriek Declercq zorgde mee voor de huisvesting van haar arbeiders door middel van rijen eenheidsbebouwing in het Koolstuk (huisnummers 6 tot 28), in de Korte Sportstraat (huisnummers 5 tot 19 en 6 tot 16) en in de Sportstraat (huisnummers 29 tot 47).  Het Dampoortkwartier mocht niet klagen over de nabije bedrijven want terwijl betonwerkerij Declercq een zwembad liet aanleggen in de Sportstraat zorgde de naburige Gistfabriek dat er aan het zuidervaartje sportterreinen ter beschikking kwamen voor hun personeel terwijl zij ook nog eens een 200-tal volkstuintjes verhuurden.

(bron : http://zulle.brugsebuurten.be/Detijdvantoen/SintKruisalgemeneinfo)

* Het uitgeven van postkaarten van de Brugse deelgemeenten is helaas in onbruik geraakt maar destijds voelden plaatselijke handelaars zich vaak geroepen om foto’s uit te geven met zichten uit hun eigen gemeente.  Fotograaf Walter Depuydt, die destijds een winkel uitbaatte in de Brieversweg in Sint-Kruis en een tweede winkel had in de Brugse Sint-Amandsstraat, gaf foto’s uit met Sint-Kruis als onderwerp.  Ook krantenhandelaar Van Hoorickx uit de Moerkerkse Steenweg mocht zich initiatiefnemer noemen van het uitgeven van zichtkaarten van zijn gemeente.  In “Het Brugsch Handelsblad” verscheen hierover een aankondiging :

 

NIEUW !  NIEUW !

Twaalf mooie

FOTO-ZICHTKAARTEN

van Sint-Kruis

en Male.

 

Te verkrijgen in exklusiviteit bij :

DAGBLADHANDEL

F. VAN HOORICKX

Moerkerksesteenweg 235 – Sint-Kruis

De ondertussen verdwenen Sint-Henricusschool langs de Moerkerkse Steenweg.  Twee huizen voorbij het schoolgebouw was dagbladhandel F. Van Hoorickx gevestigd (bron : foto Heemkunde Sint-Kruis).

* Wie met de auto rijdt zal zich waarschijnlijk reeds meer dan eens geërgerd hebben aan het vaak lakse gedrag van de meestal jonge fietsers die (soms zelfs uitdagend) gewoon naast elkaar fietsen en het geduld van de automobilisten dusdanig op de proef stellen dat die zich vaak geroepen voelen om hun ongenoegen te uiten door hard te claxonneren.  Vroeger was met twee naast elkaar fietsen streng verboden !  Als je door een agent of door een rijkswachter betrapt werd vloog je meestal de bon op !  Keurig achter elkaar rijden was de boodschap… tot ene Jean-Luc Dehaene, van 1988 tot 1992 minister van verkeer, het nodig vond zone 30 in te voeren en in één adem door te beslissen dat fietsers naast elkaar mochten rijden…  Veel autochauffeurs zullen het hem niet in dank afgenomen hebben…

Maar niet alleen fietsers moesten destijds op hun tellen passen, ook chauffeurs die hun claxon eens wilden uittestten keken best eerst eens goed rond of er geen wetsdienaar in de buurt was en zelfs voetgangers konden blijkbaar ook wel nog iets bijleren…

Hoe dan ook, reeds in 1960 klaagde het publiek bepaalde feiten aan in het verkeer, dat voor verbetering vatbaar was :

“Het publiek klaagt aan ! – Verkeersreglementen worden niet genoeg toegepast !” : “Reeds meermaals werden wij er op attent gemaakt, en terecht, dat vele automobilisten schijnen vergeten te hebben dat het streng verboden is te toeten in steden en in bebouwde kommen, tenzij bij onmiddellijk gevaar (luidruchtige hoornen zijn echter verboden).  Van valavond tot zonsopgang is het zelfs strikt verboden te toeten ; met te flikkeren met de grote lichten meldt men zijn komst.  Nieuwe wagens hebben een automatisch flikkersysteem.  Het reglement is nochtans niet zo oud om totaal te zijn vergeten.  De mensen verlangen meer en meer rust en stilte.

Ook de fietsers vergeten het reglement !  Inderdaad schijnen zij niet te weten dat het ten strengste verboden is met 2 of met meer naast elkaar te rijden.  Sommigen drijven het dan nog zo ver, dat ze zich kwaad bloed zetten als men ze op hun overtreding wijst.  Dat hebben wij o.m. –en we zijn gewis niet de enigen !– vaak vastgesteld, zelfs nog deze week in verscheidene straten van de stad.

…En dan de talrijke voetgangers die heden nog niet weten dat zij verlichte kruispunten niet mogen oversteken wanneer het ROOD licht brandt.  Dit verbod geldt immers zowel voor voetgangers als voor fietsers en autobestuurders.

… Vele weggebruikers en inzonder fietsers menen dat zij mogen doorrijden of aanzetten als de rode en groene lichten samen branden.  Dat is totaal verkeerd !  Iedereen moet wachten tot enkel het groen lichtsignaal brandt.  (Dit is trouwens het gevaarlijkste moment)

… En wat gezegd over het oorverdovend lawaai van sommige brommers, skooters, moto’s en auto’s met open aflaatbuizen ?  Dit is een zoveelste overtreding van de wegkode, die in geen geval mag worden geduld.

… Om te eindigen drukken wij de wens uit, de voorrang van rechts te zien toepassen.  Dit zou het verkeer in vele gevallen vereenvoudigen.

Slotsom : weggebruikers, weest voorzichtig en verstandig, past het reglement toe.”

* In de rij van Brugse burgemeesters neemt Victor Van Hoestenberghe ongetwijfeld een prominente plaats in want hij was liefst bijna 32 jaar (!) de Brugse burgervader.  Van Hoestenberghe werd op 10 december 1868 geboren in Stalhille en bouwde later een carrière uit als advocaat in Brugge.  Zoals veel beoefenaars van een vrij beroep voelde hij zich aangetrokken tot de politiek.  Hij stapte de Brugse politieke wereld in en werd op 1 januari 1908 verkozen tot gemeenteraadslid op de lijst van de katholieke partij.  Op 1 juni 1912 werd hij schepen voor onderwijs.  Een jaar later werd hij schepen voor financies en oefende deze functie uit tot hij op 27 juni 1924 tot burgemeester van Brugge benoemd werd in opvolging van burgemeester Amedée Visart de Bocarmé.  Op 3 maart 1956, hij was toen bijna 88 jaar jong !, nam Van Hoestenberghe ontslag als burgemeester en werd hij opgevolgd door eerste schepen Pierre Vandamme.  Victor Van Hoestenberghe overleed in Brugge op 12 juli 1960.

Burgemeester Victor Van Hoestenberghe (bron foto : https://www.octaverotsaert.eu)

Uiteraard besteedde “Het Brugsch Handelsblad” de nodige aandacht aan de figuur Victor Van Hoestenberghe n.a.v. zijn overlijden (de begrafenis vond plaats op 16 juli) :

“Oudburgemeester V. Van Hoestenberghe overleden – Uitvaart heden voormiddag” : “Dinsdagmiddag overleed in zijn woning, Mallebergplein, dhr. Victor Van Hoestenberghe, oudburgemeester van Brugge.  Hij werd geboren op 10 december 1868 te Stalhille en promoveerde tot dokter in de rechten aan de universiteit van Leuven.  Kort nadien werd hij aan de balie van Brugge ingeschreven en vestigde hij zich metterwoon in onze stad.  In 1907 deed hij zijn eerste stappen in de politieke wereld en werd hij op de katholieke lijst verkozen tot gemeenteraadslid.  Na de verkiezingen  van 1911 werd hij voor de eerste maal tot schepen verkozen.  Na het overlijden van graaf Visart, die gedurende 48 jaar burgemeester van Brugge was geweest, werd dhr. Van Hoestenberghe op 27 juni 1924 benoemd tot zijn opvolger.  Hij bleef dit ambt bekleden tot in maart 1956, waarna hij werd opgevolgd door dhr. Pierre Vandamme, de huidige burgemeester van Brugge.  Een tijdlang was dhr. Van Hoestenberghe ook senator.  Vier jaar geleden werd hij door de koning tot het ridderschap verheven.  Naar aanleiding van zijn 25-jarig ambtsjubileum viel dhr. Van Hoestenberghe kort voor zijn aftreden een officiële hulde te beurt.

De begrafenis zal heden voormiddag plaats hebben, na een dienst te 11 uur in de Ste-Walburgakerk.

Het stadsbestuur verzoekt de plaatselijke verenigingen met een afvaardiging op deze rouwplechtigheid te willen aanwezig zijn.  Het stoffelijk overschot werd gisteravond naar het stadhuis overgebracht, waar een rouwkapel was ingericht.  De bevolking kreeg vanaf 18 uur gelegenheid een laatste hulde te brengen.  Door middel van een plakbrief werd de bevolking verzocht aan de begrafenisplechtigheid deel te nemen.  De rouwstoet zal geopend worden door de muziekkapel van de Scouts.” 

In 1953 hield Koning Boudewijn zijn Blijde Intrede in Brugge.  Provinciegouverneur Pierre Van Outryve d’Ydewalle en burgemeester Victor Van Hoestenberghe ontving de vorst in hun ambtskledij.

Deze opname werd gemaakt in het Brugse havengebied waar de vorst zal inschepen voor zijn tocht op het zeekanaal.  Vanaf dan krijgt het kanaal de naam Boudewijnkanaal.  We zien koning Boudewijn centraal op de foto met aan zijn rechterzijde gouverneur Van Outryve d’Ydewalle en aan zijn linkerzijde burgemeester Van Hoestenberghe (bron : beeldbank Brugge).

* internationaal

In 1960 was de toestand in onze voormalige kolonie Kongo voor de vele Belgen die er verbleven heel onzeker.  Zij werden er geconfronteerd met muitende militairen die het geweld niet schuwden en er zelfs niet voor terugdeinsden blanken te vermoorden.  “Het Brugsch Handelsblad” probeerde voor de lezers op het thuisfront de uiterst gevaarlijke toestand in het Afrikaanse land te beschrijven :

“Toestand in Kongo hachelijk – Leopoldstad door muitende troepen afgezonderd – 3.000 Belgische vrouwen en kinderen naar Brazzaville geëvakueerd” -  “Dramatische toestand in Kongo – Slappe houding van Belgische Regering wekt verbijstering” : “De berichten uit Kongo werden gisteren van langsom slechter.  Terwijl de UNO met eenparigheid van stemmen de nieuwe republiek Kongo als lid opnam, is de jonge staat aan een ernstige krisis ten prooi, die in burgeroorlog dreigt te ontaarden.

Donderdagavond ontstond te Leopoldstad ernstige beroering toen het gerucht de ronde deed, dat Russische vliegtuigen met wapens geland waren.  De Weermacht liep te wapen en is op haar beurt aan het muiten geslagen.  Gisteren was Leopoldstad praktisch volledig van de buitenwereld afgesloten.  Alle télé-verbindingen met Leopoldstad werden vanaf 9 uur ’s morgens verbroken.  Te Brussel dacht men, dat zulks aan een staking van het personeel te wijten was.  Er is nog kontakt met Elizabethstad in Kongo.  Naar verluidt zouden thans alle blanken de muitersstad Thysstad ontruimd hebben.  Vermoeid, bestoft en ontredderd kwamen onze landgenoten in de loop van donderdag en vrijdag te Leopoldstad aan, alhoewel de toegang gisteren praktisch werd afgesloten.  Over de Kongostroom werd een ontruimingsketting voor blanke vrouwen en kinderen per snelboot ingelegd naar Brazzaville, hoofdstad van de (Franse) Republiek Kongo.  Naar schatting bevonden zich gisteren circa 3.000 Belgische vrouwen en kinderen in deze stad, o.w. mevrouw Janssens, echtgenote van de gewezen bevelhebber van de Kongolese Weermacht.  Ook blanke mannen werden op aandringen van de Belgische diplomatieke missie naar Brazzaville overgebracht, doch de evakuatie moest gisteren onderbroken worden.  Het vliegveld van N’Djili werd eveneens volledig afgegrendeld.  Men verwachtte tegen hedenochtend 2 uur te Brussel het eerste vliegtuig uit Leopoldstad met ontruimde vrouwen en kinderen aan boord.

Te Brazzaville werd te 11.30 uur een radio-oproep van de Belgische Ambassade te Leopoldstad opgevangen, waarin gevraagd werd, de evakuatie voort te zetten, doch waarin alle Belgische ambtenaren verzocht werden, op hun post te blijven.  Er is thans alleen verbinding tussen België en Kongo via de officiële diensten.  Er was steeds minder nieuws uit Kongo te krijgen, tenzij gedeeltelijk via Brazzaville.  De regering is inmiddels gisterenvoormiddag te Brussel bijeengekomen, om maatregelen te treffen voor de ontruiming van Kongo door de blanken.

Het hoeft geen betoog, dat de dramatische ontwikkeling in ons land grote beroeringheeft gewekt en dat men uitziet naar een poging, om een gunstige wending in de krisis te bewerken.”

(Marnix Knockaert)

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Praatje met een speler - Adrien Bongiovanni


"Ervaring op doen op het hoogste niveau"

 

Daags voor de vierde wedstrijd van PO II tegen Waasland-Beveren had ik een aangenaam gesprek met Adrien Bongiovanni.  De jonge Luikenaar met Italiaanse roots staat de laatste weken vaak in de basisopstelling van Laurent Guyot.  Met hem had ik een gesprek over zijn carrière en zijn tijd bij Cercle Brugge. 

Adrien, kun je voor onze lezers even je sportieve voorgeschiedenis schetsen?  Je bent momenteel bezig aan je eerste seizoen bij groen-zwart.  Wat waren je teams voor je bij Cercle aan de slag ging?

Lees meer
Cerle Brugge KSV
SHOT sprak met … Louis-Philippe Depondt

SHOT sprak met …


Louis-Philippe Depondt


Jong bloed. 


SHOT sprak tijdens de winterstop met Louis-Philippe Depondt, de jonge en nieuwbakken communicatie- en persverantwoordelijke bij Cercle. Supporters zo nauw mogelijk aan de Vereniging binden en ‘het merk’ Cercle promoten zijn de groen-zwarte drijfveren van de enthousiaste Torhoutenaar.

Je bent vrij recent bij Cercle aangekomen. Stel je even jezelf voor?

Lees meer
Cerle Brugge KSV
Cercle en Brugge door de jaren heen… (deel 210)

 

Cercle

Na het gelijkspel op Diest ging Cercle in de eerste thuiswedstrijd van het seizoen 1960-1961 op zoek naar een zege.  De tegenstander was White Star maar of het ook een gewillig slachtoffer zou zijn was dan weer een andere vraag.  “Vic Bergh” mocht alvast pen en papier meenemen en in opdracht van “Het Brugsch Handelsblad” richting Edgard De Smedtstadion stappen om er ter plaatse vast te stellen wat de groen-zwarten er van bakten…

Cercle Brugge – White Star 3-1 – Weinig overtuigende eerste zege…” : “De enkele duizende voetballiefhebbers die zondag de eerste thuiswedstrijd van Cercle op het Edgard De Smedt Stadion van nabij hebben gevolgd, waren omzeggens unaniem in hun oordeel : na een erbarmelijke eerste helft, hebben de groen-zwarten na de rust een kwartier gespeeld zoals het moest en dat was voldoende om hen van de volle inzet te verzekeren, zonder dat zij hierdoor nochtans ten volle konden overtuigen !
Is deze beoordeling van de vox populi even raak als realistisch, dan strookt ze volledig met hetgeen we op het veld gezien hebben.  Cercle won de twee punten, maar ’t is ook al, want van enige merkbare verbetering was er geen sprake.  De groen-zwarten blijven hopeloos “tutteren” en zonder de schotvaardigheid en de opportuniteit van Gilbert Bailliu hadden ze wellicht met heel wat minder vrede moeten nemen !
Dat de Brugse groen-zwarten nochtans heel wat beter kunnen en hun mogelijkheden verder reiken, bewezen ze treffend na de herneming, zonder achteraf evenwel in dezelfde zin te vervolgen.  Er werd snel en zelfs direkt gespeeld waaruit een paar doelrijpe kansen kwamen die de lokale kapitein trouwens niet liet liggen.  De vraag stelt zich dan ook waarom zij aanvankelijk zo krasselden en pingelden, om dan na hun daverend en beslissend kwartiertje terug in hetzelfde euvel te hervallen ?  Of was het de warmte die hen parten speelde ?...
Wat het ook zij, in ieder geval mag Cercle het van ons aannemen dat met dergelijk onevenwichtig presteren nooit het beoogde doel zal bereikt worden.  Meer nog, dat zij gevaar loopt hiermee meer dan eens zware ontgoochelingen op te lopen en zich tot een middelmatige rol zal moeten beperken.  Voor alles moet naar een vlotte samenhang gestreefd worden, gesteund op een konkrete homogeniteit en geestdrift en uitgewerkt door een snel, rechtstreeks en effektief spel.  Kunnen de groen-zwarten hiertoe komen, dan mogen ze vrij en vrank iedereen in de ogen zien en hoge, rechtmatige ambities koesteren !”


Technische  krabbels…
Cercle Brugge – White Star  3-1

- opkomst : 5.000 toeschouwers.
- terrein : uitstekend.
- weersgesteldheid : mooi en (te) warm.
- fair-play : korrekt.
- leiding : ref. Van Royen, kon bevredigen, een slecht punt was het wel toen hij keepersbal
  gaf en spijt Ausloos zelf bekende het leder in corner te hebben doen afwijken, toch bij zijn
  beslissing bleef…
- corners : Cercle 9, White Star 2.
- doelpunten : 15’ Walschaert 0-1, 31’ Daels 1-1, 52’ Bailliu 2-1, 57’ Bailliu 3-1.
- Cercle : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Daels, Buyse, Bailliu, Michiels, Jo
  Gerard.
- White Star : Ausloos, Craps, Frérie, Van Moerkerke, Braeckman, Bartholomeus, Decat,
  Buisseret, Colonval, Schweiger, Walschaert.


Nu de twee punten binnen waren mocht er reeds vooruitgeblikt op Olse Merksem – Cercle waar de groen-zwarten toch wel uit een ander vaatje zouden moeten tappen om minstens één punt mee te brengen naar Brugge :

Olse Merksem – Cercle” : “Cercle krijgt morgen een zware verplaatsing naar Merksem voor de voeten geschoven waar Bailliu en Co zeker goed uit de ogen zullen moeten zien.  Alhoewel we de officiële ploegopstelling nog niet onder ogen kregen zou het ons niet verwonderen moest Gerard geweerd worden ten voordele van Lambert, zodat best hiernavolgende elf te Merksem een tweede draw kan afdwingen : Mortier, Roje, Serru, Perot, Baas, Demey, Buyse, Daels, Lambert, Bailliu en Michiels.”

 

Brugge

Brugge telde destijds heel wat kazernes.  Denken we maar even aan de Weylerkazerne in de Hugo Losschaertstraat, kazerne kolonel Rademakers en kazerne Knaepen op het domein tussen de Langestraat, de Koopmansstraat, de Vuldersstraat en de Kazernevest, het vroegere militair hospitaal in de Peterseliestraat en het militair voedermagazijn “De Fourage”, net buiten de Kruispoort, langs de Maalse Steenweg.  Eén voor één verdwenen ze echter uit het straatbeeld en tegenwoordig moet je in fotoboeken over Brugge bladeren om te weten hoe de kazernes eruit zagen.

Lees meer